🔻Het verhaal – verlangen te willen winnen

Een geoefende boogschutter neemt deel aan een wedstrijd. In de eerste ronde is de inzet laag. Het lichaam blijft ontspannen en de pijl bereikt het doel zonder moeite. In de tweede ronde stijgt de prijs naar duizend euro. De wens om te winnen wordt sterker. De schutter richt langer op het doel, houdt de boog steviger vast, probeert de uitkomst te beheersen. De techniek blijft gelijk, maar de soepelheid verdwijnt.

In de derde ronde ligt er een jackpot van tien miljoen. De angst om te missen overheerst. De ademhaling versnelt. De spieren verkrampen. De handen trillen. De vaardigheid is nog steeds aanwezig, maar het lichaam reageert alsof er gevaar dreigt. Juist de poging om alles onder controle te houden veroorzaakt de fouten die vermeden hadden moeten worden.

🔒 Deze verdieping is afgeschermd.

Om verder te lezen, koop een Dagpas. Je krijgt 24 uur toegang tot alle premium passages.

Koop Dagpas (€9,95)

[restrict userrole=”dagpas”]

DE INGANG

De ingang is verlangen. De motivatie verschuift van spelen naar winnen. De deelnemer wil het geld, het succes en wil presteren. Dat verlangen activeert het ego.

HET PERVERSE EFFECT

Het ego probeert de uitkomst te sturen. Die drang tot beheersing veroorzaakt spanning. De faalangst blokkeert de handeling van het boogschieten. Het verlangen om te winnen leidt tot mislukking. De techniek van het boorschieten blijft hetzelfde, maar de houding verandert. De oorspronkelijke drang tot succes wordt de oorzaak van falen.

DE UITLEG

De deelnemer weet dat ontspannen nodig is om nauwkeurig te schieten. Ontspanning wordt hierdoor een middel om te winnen. Door het willen hebben behandelt het ego het prijzengeld alsof het al van de deelnemer is. Het resultaat is nog niet bereikt, maar het ego plakt er het label ‘van mij’ op. Daardoor ontstaat druk. Het lichaam reageert alsof er iets verloren dreigt te gaan. Het sympathisch zenuwstelsel activeert paraatheid. De ademhaling versnelt. De spieren spannen zich aan. De handen trillen. De angst om te falen ontstaat uit het willen hebben. De handeling wordt gestuurd door het risico dat dit denkbeeldige bezit verloren kan gaan. Op het moeten ontspannen wordt druk gelegd. Juist die druk veroorzaakt spanning. Zonder ego kun je geen grenzen trekken, geen voorkeuren aangeven, geen positie innemen. Het ego is nodig om te zeggen: dit ben ik, dit wil ik, dit zijn mijn waarden. Maar zodra het ego meer ruimte opeist dan nodig, ontstaat sturing. Zodra het ego te weinig aanwezig is, ontstaat instabiliteit. In beide gevallen raakt de handeling verstoord. Zodra zichtbaar wordt dat er nog niets is verkregen, valt de druk weg. Er kan niets verloren gaan. Het lichaam hoeft niets te beschermen. De spanning zakt. De beweging herstelt.

SILENT SIGNALS

Die verschuiving in psychologische en lichamelijke houding bepaalt het resultaat. Dat is het Silent Signal: de omslag van controle naar uitvoering. De betekenis van de handeling verandert, en daarmee het effect. [/restrict]
error: Content is protected !!